ⲛⲧⲉ- ⲛⲧⲉ-/ⲛⲧⲁ=
NB
Vertaling
- deeltje van genitief, gebruikt
- ― voor grotere precisie dan ⲛ-
- - waarbij het voorgaande woord een onbepaald lidwoord heeft
- – tussen 2 namen (personen of plaatsen)
- - na voorgaande gen of na attribuut (adj of rel)
- – na sterke kunst
- ⲛⲧⲁ= &c, geeft bezit, eigendom aan (vooral in B)
Dialectvormen
Sⲛⲧⲉ- ⲛⲧⲉ-/ⲛⲧⲁ=
Aⲛⲧⲉ- ⲛⲧⲉ-
Lⲛⲧⲉ- ⲛⲧⲉ=
Sfⲛⲧⲉ- ⲛⲧⲏ=
Fⲛⲧⲉ- ⲛⲧⲏ=