ⲓⲣⲓ, ⲗⲁ ⲉⲣ-/ⲁⲓ= ⲟⲓ†
VB
Vertaling
- intr: S,A,B,F
- – handelen
- - worden, overkomen
- – cdat
- nl:
- - maken, doen
- – maken, vrucht dragen
- – tijd doorbrengen
- - totaal maken, bedragen
- - maak prijs, waarde op
- - als vb van richting
Griekse equivalenten
ποιειν, πρασσεινειναι, γινεσθαι
Dialectvormen
Sⲉⲓⲣⲉ ⲣ-/ⲁⲁ= ⲟ†
Aⲉⲓⲣⲉ ⲣ-/ⲉⲉⲧ= ⲉ†
Lⲉⲓⲣⲉ ⲣ-/ⲉⲉⲧ= ⲟ†
Oⲉⲓⲣⲉ ⲣ-/ⲁⲓⲧ=
Fⲓⲗⲓ, ⲗⲁ ⲉⲗ-/ⲉⲓ= ⲟ†
Slⲉⲓⲣⲉ ⲁ=