ⲑⲱⲛ

NB

Vertaling

  • waar? [waar?]
  • vanwaar?, hoe? [waar vandaan?]
Griekse equivalenten
που;ποθεν;

Dialectvormen

Sⲧⲱⲛ
Fⲧⲱⲛ
Aⲧⲟ
Lⲧⲟ
Sfⲧⲱ